De kleine wereld van

Jeroen Sprenger

 
 

Haagsche Courant 

Amstsgeheim - 5  

Woensdag Gehaktdag

Het is niet altijd prettig vooraan te mogen staan. Van de week in de Tweede Kamer, tijdens de plechtige aanbieding van het Rijksjaarverslag over 2002, houdt de president van de Algemene Rekenkamer de minister van Financiën treiterig een staatje voor. Daaruit moet blijken dat de departementen toch minder goed met hun geld zijn omgegaan dan de minister heeft beweerd. De scène had iets van het jongetje dat een olifantje een Rolo aanbiedt om, net als het dikhuidje het aanbod lijkt aan te nemen, het snoepgoed snel zelf in de mond te nemen. We weten van het Sterspotje hoe het dier jaren later revanche neemt…

Dat vooruitzicht stemt niet vrolijk. Helemaal niet tegen de achtergrond van het Hoofdlijnenakkoord dat CDA, VVD en D66 zijn overeengekomen. De aanstaande regeringspartijen hebben daarin hun samenwerking het motto ‘Meedoen, meer werk, minder regels’ meegegeven. Het gaat me als toegewijd ambtenaar in het bijzonder om het laatste. De bureaucratie maakt de overheid minder doeltreffend en doelmatig dan gewenst. Schrijven de informateurs. Daartegenover moet de effectiviteit, slagkracht en ‘luisterend vermogen’ van de overheid worden vergroot. Het nieuwe kabinet is daarom terughoudend met het maken van nieuwe beleidsnota’s en studies. Wettelijke verplichtingen om periodiek beleidsnota’s uit te brengen worden geschrapt. In een toelichting zei een van de onderhandelaars, dat de ambtenaren elkaar minder bezig gaan houden. Ik ben daar helemaal voor. Al heb ik zo mijn twijfels over de realiteitswaarde. Bepalen ambtenaren hun eigen agenda? Of wordt die nog steeds bepaald door het gemeen overleg tussen de wetgevende en uitvoerende macht? Of door de wijze waarop bijvoorbeeld de Algemene Rekenkamer haar controlefunctie interpreteert? Als die zo openlijk ministers op de vingers blijft tikken, belooft dat niet veel goeds voor het terugdringen van de bureaucratie. Want dan lijkt het er toch op dat de letterlijke regelgeving het gaat winnen van de geest van diezelfde regelgeving.

In de afgelopen jaren is de aandacht voor de uitkomsten van beleid groter geworden. Terecht. Al weet Prinsjesdag met de aankondiging van nieuw beleid nog steeds beduidend veel meer belangstelling op te wekken dan de Verantwoordingsdag, waarop de resultaten ervan worden bekend gemaakt. Een peiling van Radio West onder winkelend publiek liet daar geen misverstanden over bestaan. Verantwoordingsdag, de Derde Woensdag in mei, Woensdag Gehaktdag, het zegt veel mensen niets. Maar dat laat onverlet dat zij tegelijkertijd willen dat politieke beloften worden waargemaakt, dat nieuwe regels worden gehandhaafd. Aan controle valt dus niet te ontkomen. De strengheid ervan moet echter niet zo meedogenloos zijn dat ambtenaren meer bezig zijn met zich in te dekken tegen een mogelijke berisping, dan creatief zoeken naar een pragmatische aanpak voor maatschappelijke vraagstukken. Departementale accountantsdiensten, ‘operational auditors’, de interdepartementale accountantsdienst, de Algemene Rekenkamer, de Tweede Kamer, de ‘controletoren’ heeft de afgelopen jaren aan hoogte gewonnen. Als het nieuwe kabinet de ambitie van ‘minder regels’ serieus wil nastreven, dan kan de samenhang binnen de controletoren niet onbesproken blijven. Een doelmatigheidstest is dan ook hier gewenst. Het zou de Algemene Rekenkamer niet misstaan hierin voorop te gaan. Dat getuigt van meer respect dan die pesterige terechtwijzing…

Daan Vorán

__________ 

Eerder gepubliceerd in de Haagsche Courant van 22 mei 2003

Pa-sagne

Mag ik u eens een gewetensvraag stellen? Ik hou nogal van koken. Steeds als ik iets Italiaans maak, verbaas ik me over de algemene bereidingswijze van de pasta, zoals die op het pak staat aangegeven. Breng een ruime hoeveelheid water aan de kook: 4 liter voor 500 gram! Houdt u zich letterlijk aan dergelijke aanwijzingen? Gebruikt u van die grote pannen voor het koken van macaroni of spaghetti? Als u het niet verder vertelt wil ik hier wel bekennen dat ik het niet doe. Ik heb niet eens zo’n grote pan. Gelukkig heb ik tot op heden nog geen inspectie op het Italiaans koken aan mijn broek gekregen. Anders zou mijn reputatie in de straat ernstig geschaad kunnen worden. Nu scheppen mijn dochters nog op over de kwaliteit van vaders lasagne. Niets lekkerder dan Pa-sagne…

Ik hou er in het algemeen niet van als er bij mij in de keuken wordt gekeken. De vrije interpretatie van de kookvoorschriften, de ontspannen omgang met de hygiëneaanbevelingen… ik zou niet graag in de positie komen dat u mij daar kritisch over gaat bevragen.

Ben ik anders dan u? Als het om de commerciële keukens van de horeca gaat zijn we in ieder geval allemaal veel strenger dan thuis. Terecht, hoor ik u denken. Je wilt niet graag wat oplopen als je uit eten gaat. Maar hoe ver moet die strengheid gaan? Onlangs klaagde een restaurateur in een krant over de vele regels die op zijn bedrijfsvoering van toepassing zijn. En wat voor controlemaatregelen daaraan zijn verbonden. Zo moet per dag op controlestaten worden aangegeven of het bestek is afgewassen en hoe het is opgeborgen. Om de zoveel tijd komt er dan een inspectieteam langs om te kijken of de staten goed zijn ingevuld. Nou, zei die man, je denkt toch zeker niet dat ik elke dag die staten bijhoud. Eens in de week vind ik mooi genoeg. Maar om geen slapende honden bij de inspectie wakker te maken gebruik ik voor elke dag een andere balpen…

Misschien zit er een demagogische vertekening in dit verhaal. Maar lopen we niet elke dag tegen regelgeving aan, waarvan we denken: ik begrijp iets van de intentie, maar hebben we dit echt gewild? Dat het roken in de werkomgeving wordt teruggedrongen, prima. Maar dat er in cafés’s niet meer mag worden gerookt, dat bejaarden, psychiatrisch patiënten en gevangenen niet meer mogen roken omdat zij leven in de werkomgeving van het verzorgende personeel? Dat je je moet legitimeren bij het afhalen van een paspoort, prima. Maar dat je je twee maal in persoon moet melden, namelijk ook al bij het inleveren van je aanvraagformulier? Vroeger kon ik erop wachten, nu moet ik twee maal te verzuimen voor zoiets eenvoudigs als een reisdocument.

Het kabinet heeft zichzelf een motto meegegeven: meedoen, meer werk, minder regels. Vooral dat laatste intrigeert me. Minder regels. Zou het lukken? Gunnen we elkaar een beetje vrijheid van handelen? Weten we de controlfreak in ons zelf te bedwingen? Ik ben benieuwd…

Daan Vorán

__________ 

Eerder gepubliceerd in de Haagsche Courant van 19 juni 2003